Posts tonen met het label maatschappij. Alle posts tonen
Posts tonen met het label maatschappij. Alle posts tonen

zondag 11 mei 2008

Zoektocht naar erkenning

Pinksteren 2008

Liefde is een thema dat veel mensen bezig houdt. Relaties zijn belangrijk voor ons. Ze maken ons gelukkig, maar kunnen ons ook heel verdrietig maken. God heeft ons gemaakt als mensen die liefde nodig hebben. We zoeken liefde vaak in verkeerde dingen, wanhopig op zoek naar iets dat ons gelukkig maakt, naar erkenning van mensen.

Jezus waarschuwt de Farizeeërs voor het zoeken naar eer van mensen. Zij voelden zich verheven boven de rest, omdat ze zo goed de wet kenden en stonden opzichtig op de hoek van de straat te bidden. We zijn geen Farizeeërs, maar vaak vertonen we hetzelfde gedrag. Als we een keer iets goeds voor een ander doen, vertellen we dat door om anderen te laten weten hoe goed we wel niet bezig zijn. Als we hoge cijfers halen, vragen we anderen naar hun cijfer, om vervolgens te zeggen dat je zelf hoger had. Dat is het nadeel van het leven in een prestatiemaatschappij, alles gaat er uiteindelijk om het beste uit jezelf te halen en dat vooral aan anderen te laten zien.

41 Niet dat de mensen mij moeten eren, 42 maar ik ken u: u hebt geen liefde voor God in u. 43 Ik ben gekomen namens mijn Vader, maar u accepteert mij niet, terwijl u iemand die namens zichzelf komt, wel zou accepteren. 44 Hoe zou u ooit tot geloof kunnen komen? Van elkaar wilt u wel eer ontvangen, maar u zoekt niet de eer die de enige God u kan geven. (Johannes 5)

Met Pinksteren komt God heel dichtbij. Hij schrijft zijn wet in de harten van mensen. Zijn wet is een wet van liefde. Liefde voor God, en liefde voor andere mensen. De vrucht van de geest bestaat uit heel veel eigenschappen, maar de eerste is liefde. En wat deze liefde betekent, kunnen we zien aan Jezus’s leven. De Heilige Geest die met Pinksteren is uitgestort wijst ons in de eerste plaats op Hem.

13 Broeders en zusters, u bent geroepen om vrij te zijn. Misbruik die vrijheid niet om uw eigen verlangens te bevredigen, maar dien elkaar in liefde, 14 want de hele wet is vervuld in één uitspraak: ‘Heb uw naaste lief als uzelf.’ ... 22 Maar de vrucht van de Geest is liefde, vreugde en vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid, geloof, 23 zachtmoedigheid en zelfbeheersing. Er is geen wet die daar iets tegen heeft. 24 Wie Christus Jezus toebehoort, heeft zijn eigen natuur met alle hartstocht en begeerte aan het kruis geslagen. 25 Wanneer de Geest ons leven leidt, laten we dan ook de richting volgen die de Geest ons wijst. 26 Laten we elkaar niet uit eigenwaan de voet dwarszetten en elkaar geen kwaad hart toedragen. (Galaten 5)

donderdag 21 februari 2008

Van jezelf houden...

Even een vervolg op mijn stukje over onzekerheid. Daarin zei ik dat je als jezelf niet liefhebt, je een ander niet kan liefhebben. Maar daar moet ik nog even wat meer over zeggen, want waarom zou je van jezelf houden. Ik kan niet van mezelf houden, omdat ik zo'n geweldig goed leven leidt. Nee, vaak ben ik eerder boos op mij zelf omdat ik me niet juist heb gedragen. Paulus kwam daar ook achter. Hij schrijft in zijn brief aan de christenen in Rome dat hij het goede wilt, maar het goede doen kan niet. Dus vanwege onze daden kunnen we niet vanzelf houden, omdat ze tegen Gods wet van goed en kwaad in gaan.

Maar waarom zouden we dan onszelf liefhebben? Omdat God van ons houdt. God heeft de wereld zo lief gehad, dat hij zijn enige zoon naar deze wereld gezonden heeft tot redding van de hele wereld! God heeft ons eerst liefgehad. En dat is ook precies de reden dat we anderen moet liefhebben.

Romeinen 7:
Wat ik doe, doorzie ik niet, want ik doe niet wat ik wil, ik doe juist wat ik haat. 16 Maar wanneer mijn daden in strijd zijn met mijn wil, dan erken ik dat de wet goed is. 17 Dan ben ik het niet die handelt, maar de zonde die in mij heerst. 18 Immers, ik besef dat in mij, in mijn eigen natuur, het goede niet aanwezig is. Ik wíl het goede wel, maar het goede doen kan ik niet. 19 Wat ik verlang te doen, het goede, laat ik na; wat ik wil vermijden, het kwade, dat doe ik.

Johannes 3:
16 Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft. 17 God heeft zijn Zoon niet naar de wereld gestuurd om een oordeel over haar te vellen, maar om de wereld door hem te redden.

zondag 23 december 2007

De wedloop

Als je iemand een tijdje niet gezien hebt, stel je iemand al snel de vraag 'hoe gaat het met je?' Helaas worden er op deze vraag vaak hetzelfde antwoord gegeven. Er zijn grofweg drie mogelijkheden.

1) Het gaat hartstikke goed (en dit is gemeend).
2a) Het gaat goed (persoon kijkt weg of naar de grond of doet in elk geval alsof het goed gaat)
2b) Het gaat niet goed, want ....
Dit antwoord wordt het minst gegeven. Het is zo makkelijk om te zeggen dat het goed gaat als je eigenlijk niet goed in je vel zit, want anders moet je gaan uitleggen waarom het niet goed gaat. Als je nu nog eens de vraag stelt "hoe gaat het me je", let dan eens op de reactie van mensen; gaat het wel echt zo goed met ze?

3) Ja, druk hè?
Dit is vast en zeker het meest voorkomende antwoord. Moeten we daar nou zo blij mee zijn? Het lijkt als je dit antwoord geeft wel of het goed met je gaat, want je hebt het druk en druk is iedereen. Druk zijn hoort er tegenwoordig bij. De huidige 'moraal' kun je samenvatten in IK REN, DUS IK BEN. Omdat je rent, stel je wat voor. Mensen die nergens voor rennen, betekenen niet zo veel.
Want er is zoveel om voor te rennen; een kleine, niet complete, opsomming:

  • Werken (voor die ene veelbelovende carrièrekans of voor het uitgaan)

  • Studeren voor dat (cum laude) diploma

  • Trainen voor die belangrijke wedstrijd

  • Socializen / bier drinken / uitgaan

  • .... Waar ren jij voor en hoe gaat het echt met je?

Heel vroeger, dacht men dat je pas wat was als je denkt: IK DENK DUS IK BEN (cognito ergo sum). Maar met denken kon je ook niet alles beredeneren, dus werd het IK VOEL DUS IK BEN. Ook dit was op den duur niet goed genoeg, en daarom is het nu dus IK REN DUS IK BEN.

Zou het niet mooi zijn als wij zouden zeggen IK GELOOF DUS IK BEN?! We mogen wel rennen, maar dan om God te dienen! Paulus pleitte al bij de Korintiërs voor hardlopen. Hij zegt: 'U weet dat er van alle atleten die in het stadion hardlopen, er maar één de prijs behaalt'. Loop dus zo dat u hem in de wacht sleept. Mensen die deelnemen aan een wedstrijd, moeten zich van alles ontzeggen.' De atleten waar Paulus het over heeft, liepen voor een prijs die zijn roem verliest. Wij rennen echter voor een prijs die nooit verloren gaat.

1 Kor 9:

Weet u niet dat van de atleten die in het stadion een wedloop houden er maar één de prijs kan winnen? Ren als de atleet die wint. 25 Iedereen die aan een wedstrijd deelneemt beheerst zich in alles; atleten doen het voor een vergankelijke erekrans, wij echter voor een onvergankelijke. 26 Daarom ren ik niet als iemand die geen doel heeft, vecht ik niet als een vuistvechter die in de lucht slaat. 27 Ik hard mezelf en oefen me in zelfbeheersing, want ik wil niet aan anderen de spelregels opleggen om uiteindelijk zelf te worden gediskwalificeerd.

woensdag 28 november 2007

Onzeker?

Vandaag wil ik wat schrijven over onzekerheid.
Ik ben afgelopen weekend verbaasd door dat de mensen die zo erg zeker over komen, dat helemaal niet zijn. Volgens mij kan die onzekerheid er voor zorgen dat we niet echt zijn zoals God wil dat wij zijn. We hebben als het ware maskers op.
Door al die onzekerheid kunnen we ook niet zien hoe het met anderen gaat. We zijn zo erg met onszelf bezig dat we niet eens naar de ander kunnen luisteren, ook zouden we dat misschien wel willen.
Jezus zegt 'heb je de ander lief als jezelf'. Maar hoe kun als jezelf niet eens liefhebt, voortdurend onzeker bent, een ander liefhebben? Volgens mij is dat onmogelijk.
Vaak zijn we bezig met ons te gedragen op een zo sociaal wenselijke mogelijke manier. Voortdurend vergelijken we ons eigen gedrag met dat van anderen. En ik kan je vertellen dat je daar erg van moe van wordt. Vooral omdat je zelf (hoe je eruit ziet, wat je doet, wat je hobby's zijn, welke cijfers je haalt op school, hoe je presteert op school, wat je collega's op je werk van je vinden etc) nooit goed genoeg lijkt te zijn.

woensdag 14 november 2007

De digitale wereld

We leven in een cultuur waarin we worden overspoeld door beelden. Laatst las ik in de krant dat het aantal grote digitale nieuwsschermen enorm gestegen is. Op het station en in de winkelstraat hangen nu van die enorme schermen met reclame en nieuws. Verder zitten we een groot deel van de dag dag achter de computer. En we kijken meer tv dan ooit. Logisch dat we af en toe zo moe zijn. Al die (bewegende) beelden nemen enorm veel plaats in in ons hoofd.

Maar die beelden zijn niet erg goed voor ons: de digitale wereld is niet realistisch. We zien in de digitale wereld alleen mooie mensen (soapsterren zien er altijd leuk uit) en alleen dingen die we zogenaamd hard nodig hebben (een nieuwe computer, een nieuw mobieltje,...). Johannes schrijft:'Alles waarop de mensen hun zinnen zetten en waar ze hun ogen niet vanaf kunnen houden en alle aardse zaken waarvan de mensen zo hoog opgeven, dat alles komt niet uit de Vader voort, maar uit de wereld'. (1 Joh. 2: 16).

Kijk in plaats daarvan met Gods ogen naar de mensen en jezelf. Hoe kijkt God dan? Een verhaal uit de Bijbel (1 Samuel 16: 1-13) kan dat wat duidelijker maken. Samuel werd door God naar Isai in Bethlehem gestuurd om daar een van zijn zonen tot koning te zalven. Een van de zonen was Eliab. Eliab viel op bij Samuel door zijn rijzige gestalte en dacht 'Hem wil de Heer tot koning zalven'. Maar dat was niet zo. God zei tegen Samuel: "Waar mensen naar kijken is niet belangrijk; mensen kijken immers naar het uiterlijk, maar ik kijk naar het hart."